Straatschuimen tijdens de avondklok

Deel dit bericht:

’s Avonds rond 22.00 uur maak ik een laatste rondje met het hondje. Ik ben niet de enige op straat, het is op sommige momenten net zo druk als op zaterdag in de Grote Houtstraat. Oké, ik overdrijf, maar het is toch drukker dan je zou verwachten. Er zijn verschillende types te herkennen zoals de op-flink-tempo-fietsende maaltijdbezorgers, een dronkenlap die wankelt langs de gracht en mensen met een gespannen blik in de ogen omdat ze weten dat ze in overtreding zijn.

Ik ontmoet ook mensen die ontspannen van de avondlucht genieten. Mensen die uit hun werk komen bijvoorbeeld. Die kun je herkennen aan de zelfverzekerde tred die bewijst dat ze een vergunning op zak hebben. En uiteraard mensen die net zoals ik een harige vriend aan de lijn hebben. Het is soms een dolle boel op afstand met de andere hondeneigenaren, hoewel de conversatie beperkt blijft tot: ‘Wat een leuke hond, wat voor soort is het’? ‘En af, Bello af, af, zeg ik toch’. Het moge duidelijk zijn dat de conversatie met de eigenaren uit de laatste categorie niet heel swingend verloopt.
Al met al valt er ‘s avonds geen enkele wanklank, terwijl bij de aanvang van de avondklok eind januari door de tegenstanders nog ach en wee werd geklaagd. De spertijd in de Tweede Wereldoorlog werd erbij gehaald en in Schalkwijk kreeg een journalist tijdens de rellen een steen tegen zijn hoofd. De protesten doofden gelukkig snel uit omdat de politie de eerste tijd regelmatig patrouilleerde en omdat we collectief weer tot bezinning kwamen.

Natuurlijk doet het woord avondklok denken aan de spertijd van de Duitse bezetter, in elk geval door de oudere generatie en degenen die opletten tijdens de geschiedenisles. Maar dat is dan ook alles. De oorlog van toen is voorbij. We voeren nu een strijd tegen corona. En die twee hebben niets met elkaar te maken. Ja, het is vervelend dat je ’s avonds niet meer een blokje om kunt of je visite zo moet plannen dat je voor 21.00 uur weer thuis bent. Maar bedenk eens hoe zwaar de horeca het nog steeds heeft en de winkeliers. De leerlingen die online les moeten volgen of bij godsgratie 1 of 2 dagen naar school mogen komen. De eigenaresse van mijn favoriete bloemenstalletje die nog maar de helft van haar assortiment voert omdat ze de inkoop niet langer kan betalen. Vrienden en familie die elkaar veel te weinig zien.

Voor hen moeten we alles op alles zetten. Voor iedereen die je kent, voor iedereen die je liefhebt, maar ook voor de mensen die je niet kent. Omdat we hier samen doorheen moeten. Jij bent het waard. Je buurman is het waard, iedere Haarlemmer is het waard. Blijf thuis. Tenzij je een hond hebt.